Is een miljonairstaks wel realistisch?
Het voorstel van de miljonairstaks wordt door veel politici weggewuifd als “niet realistisch”. Een weerlegging van enkele tegenargumenten.
1. Belastingfraude
Veel politici menen dat een vermogensbelasting geen zin heeft omdat de rijksten die door fiscale spitstechnologie toch weten te omzeilen. Een nogal bizarre hersenkronkel: politici zeggen dus dat ze een maatregel niet invoeren, omdat die toch zal overtreden worden. Ook onderzoeker Dries Lesage (UGent) vindt dit een vreemde redenering. In een interview met Solidair uit 2006 zegt hij: “Er zullen altijd mensen door de mazen van het net glippen. Maar dat is met de verkeersregels toch ook zo? Er zullen altijd mensen door het rode licht blijven rijden. Moet je daarom de rode lichten afschaffen?”
2. Kapitaalvlucht naar fiscale paradijzen
Ook dat probleem is sterk overroepen. Door een kleine vermogensbelasting zullen alle vermogens heus niet verhuizen. Dat toont het voorbeeld van Frankrijk (zie elders in dit dossier). De overheid kan trouwens perfect meldingsplicht eisen van de banken en financiële instellingen voor alle financiële stromen naar landen die geen informatie met ons uitwisselen, zegt Lesage. “Met de huidige informatica is het geen probleem om de overheid te signaleren dat iemand een paar miljoen euro versast naar de Bahama’s, Luxemburg, Zwitserland, of waar dan ook.” Misschien verhuizen ze wel met valiezen vol briefjes van 500 euro naar de belastingparadijzen? Lesage: “Tja, bijna niemand zal overgaan tot dat soort zotte trucs en maffiose praktijken. Trouwens, in de strijd tegen georganiseerde misdaad moeten banken de overheid tippen als iemand aan het loket enkele miljoenen euro in briefjes afhaalt.”
3. Bankgeheim
Om een belasting te kunnen heffen op de fortuinen, moet het fortuin natuurlijk gekend zijn, ongeacht of het nu in België zit of in het buitenland. Dat kan onder meer dankzij de Europese Spaarrichtlijn, die sinds 1 juli 2005 in de meeste Europese landen in werking is. Die richtlijn zegt dat de rente die men krijgt op spaargelden in het buitenland wordt belast volgens de regels van het land waar men woont en dat de betrokken landen daarover de nodige gegevens moeten uitwisselen. Maar België wou daar (samen met Oostenrijk en Luxemburg) niet aan meedoen en kreeg een uitzonderingsstatuut op de richtlijn. Belastingen op spaargelden of dividenden in het buitenland worden wel doorgestort aan de Belgische staat, maar de naam van de spaarder wordt geheim gehouden voor de Belgische fiscus. Zo blijft het bankgeheim overeind. Hoewel, sinds de financiële crisis heeft Reynders aan de Europese Unie moeten beloven om komaf te maken met dit uitzonderingsstatuut. Wait and see... Mocht België de spaarrichtlijn eindelijk toepassen, dan zou het bankgeheim wat betreft spaargelden (nog niet voor anders belegde vermogens) al een stuk opgeheven zijn. Verder moeten de aandelen op naam staan zoals dat voor obligaties al het geval is.




