Een surrealistisch rapport (1): de strijd tegen de strijd tegen de fiscale fraude
Staatssecretaris voor Financiën Bernard Clerfayt presenteert een rapport over de fraude, dat is opgesteld… door advocaten van frauderende banken.
Zet u schrap, surrealisme. Terwijl de regering een aantal (kleine) antifraudemaatregelen nam om haar inkomsten te verhogen, belegde staatssecretaris Bernard Clerfayt (MR) op 16 oktober een persconferentie. Hij presenteerde daar een rapport van vier juristen die hij zelf had aangeduid en die ook op de conferentie aanwezig waren. Zij hadden zich gebogen over de werkzaamheden van de parlementaire onderzoekscommissie over de grote fiscale fraude. Ze moesten nagaan hoe de conclusies van die commissie in de praktijk konden worden gebracht. Maar bij lezing blijkt het een regelrechte aanval te zijn op het werk van volksvertegenwoordigers. Die zijn woedend. In het Belgisch parlementair systeem controleert het (verkozen) parlement de regering. Maar Clerfayt draait hier de rollen duidelijk om.
De week daarvoor had Trends de hand kunnen leggen op een kopie van het rapport en gewag gemaakt van “een explosief rapport dat Bernard Clerfayt achter de hand houdt”. Dat doet hij dus niet meer, maar het rapport kunnen we zo samenvatten: de juristen wringen zich in alle mogelijke bochten om alle mogelijke argumenten aan te dragen om een echte strijd tegen de grote fiscale fraude te beletten. Een paar voorbeelden. De fiscus mag niet met het parket samenwerken om fraudeurs op te sporen. En de fiscus mag ook het bankgeheim niet opheffen om een databank van bankrekeningen op te stellen (zoals dat in Frankrijk gebeurt).
De conclusie van Clerfayt uit die besluiten is dat “de verscherping van de strijd tegen de fraude gepaard moet gaan met een betere garantie van de rechten van de belastingplichtigen en van hun juridische zekerheid”. In feite dient die zogenaamde juridische zekerheid om de strijd tegen de fraude af te zwakken. Want denk maar niet dat de belastingplichtige waarvan sprake de loontrekkende of kleine zelfstandige is. Het gaat hier over de grote vissen die advocaten gespecialiseerd in fiscaal recht van 600 euro per uur kunnen inhuren om hun fiscale constructies voor de rechtbank te verdedigen.
600 euro per uur? Jazeker, zo hoog kunnen de honoraria oplopen van Thierry Afschrift, een van de vier advocaten die Clerfayt onder de arm nam. Wie kan zulke tarieven betalen? Banken bijvoorbeeld. In twee van de grootste fraudegevallen die de parlementscommissie onderzocht – de zaak van de liquiditeitenfirma’s en de zaak QFIE – was Afschrift advocaat van de verdachten. Onder hen Crédit Lyonnais en Paribas.
De drie andere advocaten die Clerfayt aanzocht, traden ook op in de zaak QFIE. En niet aan de kant van de fiscus. Kortom, sinds Didier Reynders tot ministers van de Bankiers gedoopt werd, verdient zijn adjunct Bernard Clerfayt de titel van staatssecretaris van de Fraudeurs.




